Theo ? The Game of Ouroboros (2015)

Voordelen

  • Prachtige opbouw
  • Blijft boeiend

Nadelen

  • Net te kort
  • Theo-2015-Game-Of-Ouroboros

    Ik luister veel albums en nieuwe releases, maar zelden kom ik albums tegen die me vanaf de eerste noten kan boeien. En blijft boeien. The Game of Ouroboros van Theo is zo?n album. Elektronisch, melodieus met een licht progressief karakter; beslist niet onplezierig om naar te luisteren.

    Theo, nooit van gehoord dan?

    Nee, ik had dat eerlijk gezegd ook niet. De naam doet vermoeden dat het een zanger met band betreft uit de lage landen. Ook het licht progressieve genre past bij de vele wereldberoemde bands en muzikanten die wij in Nederland hebben voortgebracht. Denk aan Focus, Ekseption, Solution en niet in de laatste plaats Kayak. Na de eerste noten was ik dan ook in de chauvinistische veronderstelling dat het een creatie van vaderlandse bodem betrof. Maar, mijn vermoeden was onjuist. Theo bleek een Amerikaanse band. Een groep zeer getalenteerde muzikanten die met The Game Of Ouroboros haar debuutalbum lanceert.

    Vertrouwd progressief

    Terwijl ik het album een eerste keer helemaal uitluister klinkt het me makkelijk en vertrouwd in de oren. Mijn gedachten gaan richting Emerson, Lake & Palmer, Alan Parsons, Fish (Marillion), maar ook Yes, Pink Floyd en Dream Theater herken ik in dit album. Het geheel brengt me enerzijds terug naar de 20e eeuw, anderzijds ook weer niet. De songteksten hebben namelijk een actuele boodschap hetgeen me juist weer terugbrengt in het heden. Naarmate ik het album vaker beluister ontdek ik dat het veel meer is dan een doorsnede progressief rock album. Ik bespeur ? naast de standaard rock-instrumentaria – een toevoeging van zowel moderne trance invloeden als van klassieke instrumenten zoals piano, viool, cello en kerkorgel, waardoor het geheel voor mij een heel mooi eigentijds, gebalanceerd en vooral volwassen karakter krijgt. Niets doet me vermoeden dat het een debuut album betreft.

    Een goed begin

    Je hebt slechts eenmaal om een goede eerste indruk te maken. Dat heeft Theo goed begrepen, want klankmatig is het met dit album bijzonder goed gesteld. Nergens kan ik een scherp randje ontdekken. Keyboards nemen, zoals je bij progressieve rock mag verwachten, een prominente positie in. Overige instrumenten nemen een eigen plek in binnen het geheel. Het geheel klinkt natuurgetrouw, loepzuiver en met een enorme diepte. Dit is een van de albums waar ik voor mijn gevoel dwars door de muziek kan heenkijken; alsof ik vanuit de deuropening van de studioruimte toekijk tijdens de opnamesessies. Theo heeft blijkbaar niet beknibbeld op de kwaliteit van opnames en mixwerk. Deze kwaliteit zou ik heel graag terug horen bij elk album dat ik beluister.

    Kanttekeningen

    Natuurlijk heeft zelfs het beste album een paar kanttekeningen en zo ook dit album. Ondanks de eigentijdse invloeden is het geen alles-vernieuwend concept. Het is progressieve rock, een genre dat al decennia lang bestaat en hier is het een mooie aanvulling op. Ik zelf moet er voor in de stemming zijn. Het is me vaak te veel gefriemel en dat vermoeit me op den duur waarna ik het afzet. Bij dit album heb ik daar overigens niets van gemerkt. Voor ik het doorhad was het album alweer uitgespeeld. Dat is gelijk mijn grootste kanttekening. Het album is met zijn zes lange tracks gevoelsmatig net te kort.

    Gerelateerde berichten

    Woods - Love Is Love (2017)

    Review Woods – Love Is Love (2017)

    Het uit Brooklyn afkomstige Woods maakt al sinds 2005 albums vol luchtige en melodieuze pop met invloeden uit de folk en hier en daar ook psychedelische elementen. Onlangs verscheen ‘Love is Love’, een ruim half uur durend album met daarop zes vrolijk klinkende nummer waarop volop blazers als hoorn, trompet en saxofoon te horen zijn.

    1 reactie

    Geef een reactie

    Ga verder met deze blogpost:

    Review The Jayhawks – Back Roads And Abandoned Motels (2018)

    Review The Jayhawks – Back Roads And Abandoned Motels (2018)